Bij elk koelproces komt warmte vrij. Die warmte gaat verloren als u er niets mee doet, of u gebruikt haar om iets anders te verwarmen. Het duidelijkste voorbeeld uit het dagelijks leven is de koelkast: binnenin blijft het koud, terwijl de warmte aan de omgeving wordt afgegeven. Bij zo’n klein apparaat is die warmte verwaarloosbaar en merkt u er in de kamer weinig van. Maar grote industriële gebouwen met een forse koelbehoefte kunt u gerust zien als enorme koelkasten. Zij stoten een aanzienlijke hoeveelheid restwarmte uit, die met ventilatoren en koelinstallaties moet worden afgevoerd naar de lucht, naar rivieren, meren of zee. Denk aan het koelen van wijnkelders, lasersnijden, wasserijen, ventilatie in mijnschachten of voedselverwerking.
Restwarmte is laagwaardige warmte die u niet rechtstreeks kunt gebruiken. Zie het als onbenutte energie: een waardevolle warmtebron die er al is en die u niet hoeft aan te kopen – u moet haar alleen weten te benutten.
RESTWARMTE DIE NIET VERLOREN GAAT
U kunt die warmte zien als een last en als afval, of als een bezit dat u in uw voordeel gebruikt. Bij KRONOTERM kozen we jaren geleden voor het tweede en bieden we systemen die restwarmte nuttig maken voor andere processen. Typische toepassingen zijn het verwarmen van gebouwen en het bereiden van sanitair warm water.
HOE BENUT U RESTWARMTE?
Restwarmte benutten kan via de lucht met een lucht-water warmtepomp en via water met een water-water warmtepomp. Een concreet voorbeeld: veel industriële bedrijven lozen afvalwater van zo’n 30 °C op de omgeving, op de lucht of op nabijgelegen water. Water van die temperatuur is een bijzonder gunstige warmtebron, en KRONOTERM weet die met een warmtepomp te benutten. Water van 30 °C is op zichzelf niet bruikbaar, maar met een KRONOTERM-warmtepomp brengt u het naar 50 °C, en met een uitvoering met boosters zelfs boven de 80 °C. Dat water kunt u vervolgens inzetten voor gebouwverwarming, voor sanitair warm water en in warmtenetten.