Bij elk koelproces ontstaat warmte. Deze warmte kan ofwel verloren gaan als ze niet wordt benut, ofwel worden gebruikt om een andere ruimte te verwarmen. Een treffend voorbeeld uit het dagelijks leven is de koelkast, die de binnenkant koud houdt terwijl hij warmte afgeeft aan de omgeving. Omdat een koelkast een klein apparaat is, is de afgegeven warmte verwaarloosbaar en niet voelbaar in de ruimte. In industriële en grotere faciliteiten, waar de koelbehoefte door verwerking en productie aanzienlijk is, komt echter – als we ze als enorme koelkasten voorstellen – een grote hoeveelheid restwarmte in de omgeving vrij.